Rechtspraak
Rechtbank Noord-Nederland (Locatie Assen), 22 november 2022
ECLI:NL:RBNNE:2022:4357
Feiten
Werkneemster is op 1 november 2021 in dienst getreden bij Tuincentrum Assen B.V. (hierna: Tuinland Assen) op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. In de arbeidsovereenkomst is een geheimhoudingsbeding opgenomen op basis waarvan het werkneemster is verboden om op enigerlei mededelingen te doen aan derden over bijzonderheden in de onderneming. Op 25 augustus 2022 heeft werkneemster met een lid van de directie telefonisch contact gehad. Op 30 augustus 2022 heeft werkneemster een e-mail gestuurd aan de directie van Tuinland Assen. Een kopie van dit bericht heeft werknemer naar zes andere werknemers gestuurd. De e-mail bevat een reactie op het gesprek van 25 augustus 2022, waarin door werkneemster onder meer is aangehaald dat zij met ongeloof en verbazing heeft aangehoord dat zij geen geschikte bedrijfsleider zou zijn. Zij sluit de mail af met de bewoordingen “Voor de volledigheid, aangezien dit niet een op zichzelf staand incident is maar vaker heeft plaatsgevonden licht ik daarom collega’s en de Arbodienst in over mijn ziekmelding.” Bij e-mail van 5 september 2022 heeft de gemachtigde van Tuinland Assen te kennen gegeven dat het onacceptabel is dat zij deze e-mails met haar collega’s en een derde buiten Tuinland Assen heeft gedeeld. Tuinland Assen vordert onder meer betaling van de contractueel overeengekomen boete bedragende € 12.500 wegens schending van het geheimhoudingsbeding.
Oordeel
De voorzieningenrechter ziet niet welk (spoedeisend) belang Tuinland Assen heeft bij haar vordering tot betaling van een contractueel overeengekomen boete. In de dagvaarding heeft Tuinland Assen in dit kader gesteld dat zij het gedrag van werkneemster een halt wenst toe te roepen, terwijl tijdens de mondelinge behandeling duidelijk is geworden dat de arbeidsovereenkomst niet zal worden verlengd. Hierdoor zal de arbeidsovereenkomst per 1 november aanstaande eindigen. De voorzieningenrechter is van oordeel dat door de beëindiging van de arbeidsovereenkomst het belang van Tuinland Assen is komen te ontvallen. Voor zover Tuinland Assen naar de toekomst toe richting werkneemster en haar andere werknemers een signaal wil afgeven dat het getoonde gedrag niet wordt getolereerd, vormt de reeds getroffen maatregel tot het vrijstellen van werk hiervoor een voldoende prikkel. Er is dus geen spoedeisend belang voor de vordering tot toekenning van de contractuele boete. Voor het toewijzen van een voorschot op een schadevergoeding dient voorshands voldoende aannemelijk te zijn dat het versturen van het e-mailbericht heeft geleid tot schade. De voorzieningenrechter is van oordeel dat Tuinland van Assen niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij de schade heeft geleden als door haar is gesteld. Wat betreft materiële schade heeft Tuinland Assen onvoldoende toegelicht of en op welke wijze het versturen van het e-mailbericht tot de door haar gestelde schade heeft geleid. Het enkele feit dat de inhoud van het bericht binnen Tuinland Assen voor onrust heeft gezorgd, maakt niet dat daarmee de schade aannemelijk is. Met betrekking tot de immateriële schade overweegt de voorzieningenrechter dat het gegeven dat het e-mailbericht bij een derde is terechtgekomen niet direct de conclusie rechtvaardigt dat dit heeft geleid tot imago- en reputatieschade, temeer nu deze derde een geheimhoudingsplicht heeft. Ook de vordering tot het opleggen van een gebod om een volledig overzicht te verstrekken van de personen aan wie werkneemster het e-mailbericht heeft gestuurd, wijst de rechter af. Werkneemster heeft als verweer naar voren gebracht dat de grondslag en het rechtmatige belang bij de gevraagde informatie ontbreekt. Tuinland Assen heeft bovendien erkend dat werkneemster niet in staat is om haar mailbox te controleren omdat haar account door Tuinland Assen is geblokkeerd. Onder die omstandigheden is het niet zinvol om werkneemster te veroordelen tot een handeling waaraan zij feitelijk niet kan voldoen.