Naar boven ↑

Rechtspraak

werknemer/werkgever
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 2 september 2020
ECLI:NL:RBMNE:2020:6076
Vordering loondoorbetaling toegewezen. Sprake van arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Feiten

Werkneemster is op 15 december 2020 in dienst getreden bij EOS B.V. (hierna: EOS) als jeugdzorgwerker B. Haar oorspronkelijke arbeidsovereenkomst was voor een jaar, tot 15 december 2021. In een e-mail van 12 oktober 2021 werd echter gesproken over een vaste aanstelling en salarisverhoging. Hoewel EOS een schriftelijke arbeidsovereenkomst opstelde waarin werkneemster per 15 december 2021 voor onbepaalde tijd in dienst zou treden, is deze overeenkomst niet ondertekend. Desondanks werd de salarisverhoging wel doorgevoerd. Op de salarisspecificaties van de maand januari 2022 en nadien staat telkens: “Contract: Onbepaald”. Voordien stond daar: “Contract: Bepaald”. Werkneemster verzocht daarna om aanpassingen in de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, maar deze werden niet volledig doorgevoerd. Op 16 mei 2022 werd werkneemster ziek en zij heeft sindsdien niet kunnen werken. Op 28 oktober 2022 informeerde EOS werkneemster dat haar arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd op 15 december 2022 zou aflopen en niet verlengd zou worden. Werkneemster vordert onder meer de betaling van haar loon van € 2.634,41 bruto per maand vanaf 16 december 2022.

Oordeel

De kantonrechter oordeelt dat het voldoende aannemelijk is geworden dat tussen partijen een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd tot stand is gekomen. De inhoud en strekking van de e-mail van 12 oktober 2021 van EOS maken duidelijk dat werkneemster een vaste aanstelling krijgt, wat wordt bevestigd door het verhoogde salaris en de vermelding op de salarisspecificaties. Het ontbreken van een ondertekende schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd doet er niet aan af dat de overeenkomst tot stand is gekomen. Partijen waren het eens over de essentiële elementen van de overeenkomst en hadden geen discussie over functie, salaris en andere afspraken. Het standpunt van EOS dat er geen overeenstemming was vanwege een discussie over inhoudelijke werkzaamheden volgt de kantonrechter niet. Partijen waren het eens over de functie en die functie is werkneemster ook ongewijzigd blijven uitvoeren. De inhoudelijke werkzaamheden zijn niet wezenlijk gewijzigd. EOS heeft nagelaten werkneemster op de hoogte te stellen dat de vaste aanstelling niet tot stand was gekomen, waardoor EOS het gerechtvaardigd vertrouwen heeft gewekt bij werkneemster dat er een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd was. De kantonrechter wijst daarom de vordering van werkneemster toe en veroordeelt EOS tot betaling van het salaris van € 2.634,41 bruto per maand vanaf 16 december 2022.