Appellant was werkzaam als vrachtwagenchauffeur. Hij is voor dat werk laatstelijk uitgevallen op 26 januari 2004 met buik-, hoofdpijn- en andere lichamelijke klachten. Bij hem is de ziekte van Crohn geconstateerd. Op 1 oktober 2005 heeft appellant een uitkering aangevraagd ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA). Volgens de verzekeringsarts is geen sprake van ‘duurzame arbeidsongeschiktheid’. Het Uwv heeft besloten dat appellant een WGA-uitkering toekomt. Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit en is van mening dat...
Centrale Raad van Beroep, 04-02-2009