Naar boven ↑

Rechtspraak

Stichting Kunstencentrum De Meander/werknemer
Rechtbank Oost-Brabant (Locatie 's-Hertogenbosch), 16 januari 2012
ECLI:NL:RBSHE:2012:BV2309

Stichting Kunstencentrum De Meander/werknemer

Gedeeltelijke ontbinding voor 0,33 fte per 1 december 2012 onder de voorwaarde dat de ontbinding niet van kracht zal worden indien de financiële situatie van Kunstencentrum De Meander op 1 december 2012 zodanig is verbeterd dat het dienstverband van werknemer in zijn geheel kan worden behouden

Werknemer (59 jaar) is in dienst van Stichting Kunstencentrum De Meander, laatstelijk als beleidsmedewerker onderwijs en facilitair voor 1 fte. De Meander verzoekt de arbeidsovereenkomst voor 0,33 fte te ontbinden. De Meander voert aan dat zij 35% van de subsidie van de gemeente zal kwijtraken. Om levensvatbaar te blijven is een fundamentele herstructurering van de organisatie noodzakelijk. Voor 0,33 fte doet werknemer facilitair werk en voor 0,66 fte is zijn werk toebedeeld aan de afdeling onderwijs. Het onderdeel facilitair wordt opgeheven. De Meander verzoekt de arbeidsovereenkomst derhalve voor 0,33 fte te ontbinden.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Nu werknemer de slechte financiële positie van De Meander niet heeft betwist, wordt de arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische redenen gedeeltelijk ontbonden. Dat De Meander de ontbinding verzoekt per 1 december 2012 maakt in dit specifieke geval geen verschil. De Meander zou ook gerechtigd zijn de arbeidsovereenkomst per eerdere datum te doen ontbinden omdat haar financiële positie daartoe noopt. Dat zij haar werknemers op een fatsoenlijke wijze probeert te behandelen door rekening te willen houden met de re-integratiefase kan er niet toe leiden dat zij daardoor de overeenkomst met werknemer niet zou kunnen ontbinden. Het verweer van werknemer dat zijn functie mogelijk niet komt te vervallen treft geen doel. Uit niets is aannemelijk geworden dat er een doorstart van de organisatie zal plaatsvinden en dat de functie van werknemer niet gedeeltelijk zal vervallen. Het ziet er eerder naar uit dat de financiële positie van De Meander verder zal verslechteren. De arbeidsovereenkomst wordt gedeeltelijk (voor 0,33 fte) ontbonden met ingang van 1 december 2012.

Tijdens de mondelinge behandeling is de vraag aan de orde geweest wat er zou gebeuren als de financiële situatie van De Meander zich voor 1 december 2012 in positieve zin ontwikkelt. De Meander heeft aangegeven dat het haar bedoeling is om het dienstverband in zijn geheel te behouden als dat financieel en qua hoeveelheid werk mogelijk is. Daarom wordt aan de ontbinding van de arbeidsovereenkomst de voorwaarde verbonden dat die ontbinding niet van kracht zal worden indien de financiële situatie van De Meander op 1 december 2012 zodanig is verbeterd dat het dienstverband van werknemer in zijn geheel kan worden behouden en er voldoende werk voor werknemer voorhanden is om dat dienstverband in zijn geheel te behouden. Omdat er voorzieningen in het sociaal plan zijn overeengekomen, wordt geen vergoeding toegekend. Er is geen aanleiding om in het geval van werknemer af te wijken van het sociaal plan.