Rechtspraak
Rechtbank Noord-Holland (Locatie Alkmaar), 15 januari 2016
ECLI:NL:RBNHO:2016:526
X/PostNL Pakketten Benelux B.V.
PostNL maakt voor de pakketverzorging gedeeltelijk gebruik van de diensten van zelfstandige pakketbezorgers (hierna: subcontractors). PostNL heeft daartoe met deze subcontractors overeenkomsten gesloten. X drijft sinds 16 september 2010 een eenmanszaak. Op 15 juli 2011 heeft X een Vervoersovereenkomst (hierna: de overeenkomst) gesloten met PostNL. PostNL heeft de overeenkomst met X op 30 september 2015 opgezegd. Kern van het geschil tussen partijen is de vraag of X werkzaam is op basis van een overeenkomst van opdracht (standpunt PostNL) of op basis van een arbeidsovereenkomst (standpunt X). PostNL heeft een tegenverzoek ex artikel 843a Rv ingediend waaruit meer informatie blijkt aangaande het ondernemerschap van X van 2011 tot heden.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Het verweer van X dat het incident door PostNL te laat zou zijn opgeworpen en/of dat dit in strijd komt met een goede procesorde wordt verworpen. Gelet op het door deze rechtbank in de uitspraken van 18 december 2015 ontwikkelde toetsingskader, heeft zij dit incident niet eerder kunnen opwerpen. PostNL heeft een rechtmatig belang bij de afgifte van de door haar gevraagde bescheiden uit de administratie van X over de jaren 2011 tot en met 2015, die antwoord kunnen geven op in totaal elf vragen. Deze antwoorden heeft zij immers nodig om zich adequaat te kunnen verweren tegen de stellingen van X in deze procedure, inhoudende dat sprake is van een dienstverband. Hoewel het petitum van de incidentele vordering niet heel duidelijk is geformuleerd begrijpt de kantonrechter dat bedoeld is een verzoek te doen tot afgifte van, of het verkrijgen van inzage in, (in elk geval) de jaarstukken, de winst-en-verliesrekeningen en de IB- en btw-aangiften van X over de periode 2011 tot en met 2015 en daarnaast, afgifte of inzage in de overeenkomsten die X gedurende deze periode had met verzekeraars, met geldleningverstrekkers, zijn vervangers en eventuele andere opdrachtgevers. Het verzoek ex artikel 843a Rv wordt toegewezen. Volgt aanhouding van de zaak.