Naar boven ↑

Rechtspraak

Bouwfondsen/HooVos Brandbeveiliging B.V.
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 1 juni 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:1725
Valt werkgever die zich bezighoudt met brandbeveiliging onder Bedrijfstakpensioenfonds Bouw & Infra? Benoeming deskundige nodig en formulering van de voor te leggen vragen (opnieuw) aan partijen voorgesteld.

Feiten

HooVos Brandbeveiliging B.V. (hierna: HooVos) drijft een onderneming gespecialiseerd in brandbeveiliging en brandpreventie in de breedste zin van het woord. De zusteronderneming van HooVos (verder: Projecten) is opgericht op 1 mei 2014 en is actief op het gebied van bouwkundige brandpreventie. Zij heeft geen eigen personeel in dienst. Projecten houdt zich bezig met het inspecteren van gebouwen op brandveiligheid, het adviseren over te nemen maatregelen in het kader van brandpreventie en de uitvoering van die maatregelen. Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid (hierna: Bpf Bouw) is pensioenuitvoerder van de bedrijfstakpensioenregeling voor de bouwnijverheid. Het Technisch Bureau Bouwnijverheid (verder: TBB) heeft van de bouwfondsen opdracht gekregen bij HooVos een werkingssfeeronderzoek te verrichten met als doel vast te stellen of HooVos bedrijfsactiviteiten verricht die vallen onder (de werkingssfeer van) het verplichtstellingsbesluit, de cao bouw en de cao BTER (hierna: de bouwregelingen). De commissie werkingssfeer heeft op basis van het onderzoeksrapport geoordeeld dat de werkzaamheden van HooVos bestaan uit werkzaamheden zoals omschreven in de bouwregelingen, waarna HooVos per 1 januari 2007 is aangesloten bij de bouwfondsen. HooVos heeft hiertegen op 26 november 2015 bezwaar gemaakt. HooVos heeft geen pensioenregeling en volgt geen cao. De kantonrechter heeft in eerste aanleg onder meer voor recht verklaard dat HooVos niet onder de werkingssfeer van de bouwregelingen valt en te bepalen dat de bouwfondsen de inning van de (pensioen)premies dienen te staken. Hiertegen komen de bouwfondsen in hoger beroep op. Bij tussenvonnis van 19 januari 2021 heeft het hof geoordeeld dat het voor de beantwoording van de vraag of HooVos bedrijfswerkzaamheden verricht die vallen onder (de werkingssfeer van) de bouwregelingen, behoefte heeft aan voorlichting door een deskundige.

Oordeel

Het hof heeft in dat verband voorgesteld het Nederlands Pensioenbureau Legal, BPF-cao Auditbureau, uit Alphen aan den Rijn te benoemen en heeft een aantal voor te leggen vragen voorgesteld. De bouwfondsen hebben bij akte bericht dat het Nederlands Pensioenbureau geen hele stabiele organisatie is en de deskundigheid op het gebied van loonsomvergelijkingen niet tot de specialistische kennis lijkt te behoren. De bouwfondsen hebben daarom een andere deskundige voorgesteld. HooVos is bij akte akkoord gegaan met het benoemen van een deskundige van het Nederlands Pensioenbureau Legal, BPF-cao Auditbureau. Naar aanleiding van een reactie van beide partijen heeft het hof de voor te leggen vragen opnieuw geformuleerd. Iedere verdere beslissing zal wederom worden aangehouden.