Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/ Huisartsenpraktijk Postjesweg
Gerechtshof Amsterdam (Locatie Amsterdam), 13 december 2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:3525
Werkneemster heeft zich voorgedaan als haar werkgever richting de gemeente om met voorrang in aanmerking te komen voor een huurwoning. Dit handelen vormt een dringende reden voor ontslag op staande voet.

Feiten

Werkneemster is op 16 oktober 2012 in dienst getreden van de maatschap in de functie van doktersassistente. De gemeente Amsterdam kent sinds 2020 een regeling op grond waarvan werknemers in de zorg onder voorwaarden met voorrang in aanmerking kunnen komen voor een huurwoning. Tot september 2021 was de procedure aldus dat de werkgever de werknemer voor de voorrangsregeling vormvrij kon aanmelden op het e-mailadres van de gemeente. In juni 2021 heeft werkneemster aan de maatschap gevraagd om haar voor te dragen. Bij e-mail van 30 juni 2021 heeft werkneemster vanaf een e-mailadres van de maatschap een bericht aan de gemeente gestuurd met o.a. het verzoek om een inschrijfformulier, ondertekend ‘praktijk Postjesweg’. De gemeente heeft verzocht om aanvullende gegevens, die werkneemster – wederom via het e-mailadres van de maatschap – heeft verstrekt. Op 5 juli 2021 heeft een van de huisartsen de e-mail van de gemeente ontdekt. Op 7 juli 2021 is werkneemster daarover door de maatschap gehoord en bij brief van 8 juli 2021 is werkneemster op staande voet ontslagen, kort samengevat omdat zij zich richting de gemeente heeft voorgedaan als haar werkgever met een verklaring over haarzelf. Werkneemster verzoekt vernietiging van het ontslag op staande voet en herstel van het dienstverband. De kantonrechter heeft de verzoeken afgewezen. Werkneemster komt tegen de beschikking in hoger beroep.

Oordeel

De grieven falen. De e-mails in kwestie laten geen andere lezing toe dan dat zij afkomstig zijn van de maatschap en dat daarin door/namens de maatschap allerlei verklaringen worden gedaan over werkneemster (en bovendien over de maatschap). Dat is precies de door de maatschap opgegeven reden van het ontslag. Dat wordt niet anders indien werkneemster met de e-mails enkel heeft bedoeld om een door de maatschap in te vullen voordrachts- of inschrijfformulier aan te vragen. De stelling dat werkneemster van de praktijkmanager of door miscommunicatie heeft mogen begrijpen dat zij het aanvragen van een formulier zelf moest regelen, kan haar niet baten, nu geen van de daartoe betrokken stellingen inhoudt of erop neerkomt dat de praktijkmanager op enig moment aan werkneemster toestemming heeft gegeven om het formulier zelf aan te vragen met gebruikmaking van een e-mailadres van de maatschap en daarbij zich tegenover de gemeente voor te doen als de maatschap met verklaringen over haarzelf. Ook uit de gewraakte e-mails kan niet worden afgeleid dat het enkel de bedoeling was om een inschrijfformulier aan te vragen. Het hof oordeelt met de kantonrechter dat op grond van het handelen van werkneemster van de maatschap redelijkerwijs niet kon worden gevergd dat zij de arbeidsovereenkomst liet voortduren. De bestreden beschikking wordt bekrachtigd.