Rechtspraak
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Utrecht), 23 oktober 2024
ECLI:NL:RBMNE:2024:5938
Feiten
Gilde Educatie Activiteiten B.V. (hierna: Gilde) verzorgt sinds 1 januari 2018 taalonderwijs aan laaggeletterde Nederlandstaligen (Nederlands als eerste taal, hierna ook genoemd: NT1) en aan inburgeraars, arbeidsmigranten en EU-onderdanen (Nederlands als tweede taal, hierna ook genoemd: NT2). Dit taalonderwijs werd voor die tijd gegeven door het ROC Gilde Opleidingen. Naar aanleiding van de privatisering van het taalonderwijs voor inburgeraars per 1 januari 2018 heeft het ROC echter besloten het NT1- en NT2-taalonderwijs bij Gilde onder te brengen. Gilde heeft op de arbeidsovereenkomsten met haar werknemers de cao middelbaar beroepsonderwijs (hierna: de cao mbo) van toepassing verklaard. Er geldt geen pensioenregeling. Stichting Pensioenfonds Zorg en Welzijn (hierna: PFZW) is een bedrijfstakpensioenfonds dat de verplicht gestelde pensioenregeling van de sector Zorg en Welzijn uitvoert. PFZW heeft Gilde bij brief van 7 juni 2022 laten weten dat zij vanaf 1 januari 2018 verplicht is aangesloten bij PFZW omdat de bedrijfsactiviteiten van Gilde onder de verplichtstelling vallen van werkgevers in het welzijnswerk en de maatschappelijke dienstverlening. Gilde stelt zich op het standpunt dat zij niet onder de werkingssfeer van het Verplichtstellingsbesluit valt en vordert een verklaring voor recht. Gilde is van oordeel dat zij geen welzijnsorganisatie in de zin van het Verplichtstellingsbesluit is, maar alleen een taalinstituut. PFWZ vordert in reconventie een verklaring voor recht dat Gilde vanaf 1 januari 20218 onder de werkingssfeer van het verplichtstellingsbesluit valt.
Oordeel
De vorderingen van Gilde worden afgewezen, omdat de kantonrechter van oordeel is dat Gilde een werkgever is in het welzijnswerk en de maatschappelijke dienstverlening in de zin van het Verplichtstellingsbesluit. Gilde verleent namelijk maatschappelijke hulp of zorg zoals gedefinieerd in het Verplichtstellingsbesluit. Tussen partijen is niet in geschil dat Gilde werknemers in dienst heeft en daarmee een werkgever is. Op grond van het Verplichtstellingsbesluit geldt (a) dat er sprake moet zij van een rechtspersoon, (b) deze de inkomsten geheel of ten dele direct of indirect moet ontvangen uit zorgverzekeringen of van de overheid en (c) deze voor meer dan 50% van de inkomsten maatschappelijke zorg of hulp verlenen, waaronder de vormen ‘sociaal-cultureel werk’ en ‘welzijn minderheden, vluchtelingen en asielzoekers’. De kantonrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden a tot en met c is voldaan. Gilde stelt dat zij niet kan worden gehouden tot verplichte aansluiting bij PFZW, omdat het Verplichtstellingsbesluit voor haarzelf maar ook voor PFZW onduidelijk is. De kantonrechter is van oordeel dat de werkingssfeerbepaling van het Verplichtstellingsbesluit wel duidelijk is, hetgeen ook uit de bewoordingen ervan volgt. Gilde heeft aangevoerd dat zij zich als een onderwijsinstelling ziet en niet als een welzijnsinstelling. De kantonrechter merkt hierover op dat dit in zoverre begrijpelijk is, omdat de NT1- en NT2-activiteiten voorheen door het ROC werden verzorgd. Dit kan echter geen gevolgen hebben voor de aansluitplicht van Gilde. Er kan geen rekening worden gehouden met de vraag in hoeverre de werkgever zich verbonden voelt met de sectoren waarop het Verplichtstellingsbesluit van toepassing is.