Naar boven ↑

Rechtspraak

werkneemster/Mortuarium Beheer B.V.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 6 november 2012
ECLI:NL:GHARN:2012:BY2304

werkneemster/Mortuarium Beheer B.V.

Medewerkster mortuarium die op basis van een vast rooster 7 dagen dagdienst, 7 dagen nachtdienst en 7 dagen vrij is gesteld, komt geen beroep toe op artikel 7:628a BW voor de berekening van de loonomvang tijdens een oproep gedurende een dienst. De omvang van de arbeid is (eenduidig) vastgelegd

Werkneemster verrichtte, evenals drie andere collega's, werkzaamheden als mortuariummedewerkster op basis van een van tevoren opgesteld rooster, waarbij de beschikbaarheid in een repeterend patroon van 7 dagen (x 12 uur) dagdienst, 7 dagen (x 12 uur) nachtdienst en 7 dagen vrij was vastgelegd. Werkneemster ontving een vaste brutovergoeding per maand voor haar werkzaamheden en haar beschikbaarheid en daarnaast een brutovergoeding per verrichte handeling. Werkneemster stelde maandelijks een overzicht op met daarin de vermelding van de data, welke handelingen zij per overledene had verricht en het aantal handelingen per overledene. Aan de hand van dit overzicht diende zij maandelijks een declaratieformulier in bij werkgeefster, waarna werkneemster werd uitbetaald. Werkneemster vordert loon op grond van artikel 7:628a BW voor de uren dat zij minder dan drie uur arbeid heeft verricht tijdens een dienst. Volgens haar moet dan toch drie uur worden uitbetaald.

Het hof oordeelt als volgt. Artikel 7:628a BW maakt een onderscheid tussen twee situaties: (1) Partijen zijn een arbeidsomvang van minder dan 15 uur per week overeengekomen én de tijdstippen waarop de arbeid moet worden verricht zijn niet vastgelegd; (2) Partijen hebben de omvang van de arbeid niet of niet eenduidig vastgelegd. De in artikel 7:628a BW als eerste omschreven situatie doet zich niet voor. Met betrekking tot de als tweede in artikel 7:628a BW omschreven situatie overweegt het hof dat, gelet op de inhoud van het rooster, de arbeidsomvang van werkneemster voldoende duidelijk was vastgelegd. Werkneemster wist per periode van 7 dagen dat zij of (maximaal 12 uur) overdag of (maximaal 12 uur) ‘s nachts kon worden opgeroepen voor het verrichten van werkzaamheden of dat zij (maximaal 12 uur) vrij was. Niet van belang is dat de exacte tijdstippen waarop werkneemster haar werkzaamheden binnen dit patroon van 7 dagen diende te verrichten niet vooraf vaststonden. Het betreft hier immers werkzaamheden die pas kunnen worden verricht in geval van een overlijden. De aard van deze werkzaamheden leent zich niet voor een planning, slechts de beschikbaarheid om deze werkzaamheden te verrichten kan (van tevoren) worden gepland. Werkneemster heeft niet aan haar stelplicht voldaan dat zij steeds heeft gewerkt gedurende periodes van minder dan drie uur. Volgt bekrachtiging vonnis van de kantonrechter (afwijzing vordering werkneemster).