Rechtspraak
Rechtbank Noord-Nederland, 1 augustus 2012
ECLI:NL:RBLEE:2012:BX3980
werknemer/Melching Assuradeuren BV
Werknemer is van 1 augustus 1996 tot 1 december 2007 in dienst geweest van Arci als hoofd binnendienst. In 2006 is een overeenkomst met autoregeling gesloten voor het gebruik van een leaseauto. Krachtens overgang van onderneming is werknemer in 2007 in dienst getreden van Melching. In 2009 wil Melching de autoregeling binnen de onderneming harmoniseren. Werknemer heeft binnen Melching een nieuwe (lagere) functie als schadebehandelaar gekregen, waardoor hij geen recht meer heeft op een leaseauto. Werknemer vordert nakoming van de Arci-autoregeling.
De kantonrechter oordeelt als volgt. Het ter beschikking stellen van een leaseauto is aan te merken als een arbeidsvoorwaarde met een beloningscomponent, welke daarmee is te beschouwen als overeengekomen loon (in natura). Immers in de leaseautoregeling van Arci is privégebruik toegestaan, terwijl de daarmee samenhangende kosten (in het binnenland) voor rekening van Arci (en, na de overgang, Melching) zijn. Op grond van artikel 7:663 BW is de autoregeling mee overgegaan naar Melching. Een demotie van werknemer brengt niet met zich dat het recht op gebruik van een leaseauto onder de Arci-autoregeling daarmee (op termijn) vervalt. Uitleg van de overeengekomen autoregeling brengt mee dat demotie hooguit tot het ter beschikking stellen van een leaseauto uit een lagere klasse kan leiden. In beginsel dient Melching de Arci-autoregeling dan ook nog steeds jegens werknemer toe te passen. In dit geval is geen eenzijdig wijzigingsbeding overeengekomen. Onder verwijzing naar de arresten Van der Lely/Taxi Hofman en Stoof/Mammoet wordt geoordeeld dat harmonisering geen voldoende zwaarwichtig belang is voor het doen van het voorstel tot beëindiging van de Arci-autoregeling. Volgt toewijzing van de vordering.