Naar boven ↑

Rechtspraak

(erfgename van) werknemer/werkgeefster
Gerechtshof 's-Hertogenbosch (Locatie 's-Hertogenbosch), 12 april 2016
ECLI:NL:GHSHE:2016:1430

(erfgename van) werknemer/werkgeefster

Tussenarrest. Is werkgever (proportioneel) aansprakelijk voor nierbekkenkanker werknemer? Naar aanleiding van afbakeningsproblemen tussen twee door deskundigen uit te voeren onderzoeken wordt eerst de uitkomst van het onderzoek naar blootstelling aan (gevaarlijke) stoffen afgewacht.

Feiten

(Na verwijzing in cassatie, zie AR 2013-0454.) Werknemer is in 1976 in dienst getreden bij werkgeefster als (onderhouds)schilder. Voordien heeft hij gewerkt als vrachtwagenchauffeur en (vanaf 1968) als schilder bij twee andere bedrijven. Met ingang van 25 april 2000 is hij arbeidsongeschikt geraakt voor zijn werk bij werkgeefster. Bij werknemer is begin 2000 een kwaadaardige tumor ontdekt in het nierbekken (urotheelcelcarcinoom). Ongeveer gelijktijdig werd een verdachte afwijking op de linkerlong gezien. Er werd een kwaadaardige tumor in de longen aangetroffen. Werknemer heeft in 2000 werkgeefster aansprakelijk gesteld voor de door hem ten gevolge van zijn ziekte geleden en nog te lijden schade. In 2001 is werknemer aan kanker(uitzaaiingen) overleden. In geschil is of werkgeefster aansprakelijk is op grond van artikel 7:658 BW. Volgens de erven van werknemer heeft werkgeefster nagelaten te voorkomen dat werknemer met – kort gezegd – kankerverwekkende producten werkte en heeft zij verzuimd te zorgen voor adequate bescherming van werknemer. In eerste aanleg zijn de vorderingen afgewezen. In hoger beroep zijn deze toegewezen. In cassatie is het arrest van het Hof Arnhem vernietigd en is het geding verwezen naar het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch. Het hof heeft bij tussenarrest van 2 februari 2016 de zaak naar de rol verwezen voor een aktewisseling over het voorstel van werkgeefster om ir. Con Boeckhout als deskundige te benoemen voor het onderzoek ten aanzien van de zorgplicht alsmede over de aan de deskundige te stellen vragen.

Oordeel

De dochter van werknemer heeft aangegeven bezwaar te hebben tegen benoeming van ir. Boeckhout als deskundige. Zij heeft ten eerste naar voren gebracht dat ir. Boeckhout een deskundige is die meer door verzekeraars wordt ingezet. Hij is werkzaam voor een onderneming die werkgevers adviseert. Dat maakt de positie van ir. Boeckhout in deze procedure onvoldoende objectief, aldus werkneemster. Het hof deelt dit bezwaar niet. Er zijn geen concrete aanwijzingen dat de objectiviteit van ir. Boeckhout niet is gewaarborgd als hij het onderhavige onderzoek zou doen. De door de dochter van werknemer genoemde factoren zijn daarvoor in elk geval onvoldoende. Ten tweede heeft de dochter van werknemer aangevoerd dat de concrete ervaringen van haar gemachtigde met ir. Boeckhout als deskundige niet goed zijn. Dit bezwaar acht het hof niet gegrond. Er zijn geen redenen om te twijfelen aan de deskundigheid van ir. Boeckhout. Het hof is dan ook van oordeel dat ir. Boeckhout tot deskundige kan worden benoemd voor het onderzoek ten aanzien van de zorgplicht, maar gaat daar gelet op het volgende nog niet toe over. Mede gezien de door partijen in hun aktes geformuleerde vragen voor het deskundigenonderzoek ten aanzien van zorgplicht, ontstaan er afbakeningsproblemen van dit onderzoek met het onderzoek ten aanzien van de blootstelling aan stoffen. Ook bij het door ir. Boekhout te verrichten onderzoek is (de mate van) blootstelling van werknemer aan gevaarlijke stoffen immers aan de orde. Het hof acht het daarom geraden eerst de uitkomst van het onderzoek van prof. Van der Laan af te wachten. Ir. Boeckhout zal dan het door hem te verrichten onderzoek met kennisneming daarvan kunnen verrichten. Het hof zal partijen in de gelegenheid stellen om memories te nemen na het deskundigenbericht van prof. Van der Laan. Daarbij kunnen zij zich ook nader uitlaten over de afbakening van dit onderzoek met het onderzoek van ir. Boeckhout ten behoeve van het door deze te verrichten onderzoek ten aanzien van de zorgplicht. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.