Naar boven ↑

Update

Nummer 15, 2021
Uitspraken van 08-04-2021 tot 14-04-2021
Redactie: prof. mr. dr. A.R. Houweling, mr. L. Kirkpatrick, mr. M. Assenberg van Eijsden, mr. E.L. Eijkelenboom, mr. S.C. Goedhart, mr. C.P. Kuijer, mr. D. Ottevanger, mr. drs. T.J. Post, I.J. Schipper, mr. S.A. Slootweg, mr. S. van der Slot, mr. V. Twilt en mr. S. Wiersma-Helal.

Geachte confrères, collegae, amici en amicae,

Bijgaand treft u weer een nieuwe VAAN AR Update aan. Klik hier om de pdf vanaf de website te downloaden.

Rechtspraak
Graag wijzen wij u op de volgende uitspraken.

EHRM laat zich voor het eerst uit over vaccinatieplicht
Op 8 april jl heeft het EHRM zich voor het eerst uitgelaten over de vraag of een verplichting kinderen te laten vaccineren een niet toelaatbare inbreuk maakt op artikel 8 EVRM. Het Hof komt tot de conclusie dat vanwege het gezondheidsrisico en belang van bescherming van kleine kinderen een nationale vaccinatieplicht is gerechtvaardigd. In de specifieke omstandigheden van het geval heeft Tjechië de margin of appreciation niet in strijd met subsidiariteit en proportionaliteit gebruikt. De zaak wordt de afgelopen week veelal in verband gebracht met (on)mogelijkheid van een COVID-vaccinatieplicht. De feiten en het zeer genuanceerde oordeel van (de zaak bij) het Hof nopen tot nadere bestudering. Klik hier om de hele uitspraak te lezen.

Hoge Raad: Booking.com bemiddelt in de zin van Bedrijfstakpensioenfonds voor de Reisbranche
In AR 2021-0429 oordeelt de Hoge Raad dat Booking.com in de uitoefening van haar bedrijf ‘bemiddelt bij het tot stand komen van overeenkomsten op het gebied van reizen’, en dus een ‘(online) reisagent’ is, een en ander zoals bedoeld in het verplichtstellingsbesluit Bedrijfstakpensioenfonds voor de Reisbranche. Naar het oordeel van de Hoge Raad verricht Booking.com reeds door het bieden van de mogelijkheid om via haar website de overeenkomst met de accommodatieverstrekker aan te gaan, en door klanten en aanbieders van de accommodaties de administratieve verwerking uit handen te nemen doordat zij de reserveringsgegevens aan de aanbieder verstrekt en de bevestiging aan de reiziger, werkzaamheden die eraan bijdragen dat reisovereenkomsten tot stand komen.

Hoge Raad: representativiteit Wet AVV fte of koppen?
In AR 2021-0430 staat de vraag centraal of het hanteren van een ‘schatting in fte volgens het CBS’ in strijd is met artikel 2 Wet AVV, terwijl het UWV over concrete cijfers omtrent het aantal uitzendkrachten beschikt. De Hoge Raad oordeelt dat op grond van artikel 2 lid 1 Wet AVV de minister bepalingen van een cao die gelden voor een, naar zijn oordeel belangrijke, meerderheid van de in een bedrijfstak werkzame personen algemeen verbindend kan verklaren. Aan de minister komt een ruime mate van beleids- en beoordelingsruimte toe bij de beantwoording van de vraag welke bronnen aan de gegevensverstrekking voor de vaststelling van de representativiteit ten grondslag gelegd mogen worden (ABRvS 7 september 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR6877). Het hof heeft geoordeeld dat niet gezegd kan worden dat de minister niet in redelijkheid de CBS-methode mocht hanteren voor het vaststellen van de representativiteit. Dit oordeel geeft in het licht van de ruime mate van beleids- en beoordelingsruimte die de minister toekomt, geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting. In het bijzonder behoefde het hof zich van dit oordeel niet te laten weerhouden door het feit dat artikel 2 lid 1 Wet AVV spreekt van ‘in een bedrijf werkzame personen’. Dit begrip ‘werkzame personen’ laat ook ruimte voor de minister om bij de beoordeling van de representativiteit het aantal in de bedrijfstak werkzame personen gemeten in fte’s tot uitgangspunt te nemen. Het oordeel is evenmin onvoldoende gemotiveerd.

Hoge Raad: vrijwilligers schijnconstructie en verdringing of onschuldige inzet?
In AR 2021-0453 staat de vraag centraal of een Stichting die gehandicapten een ‘dagje uit’ bezorgt en daarbij gebruikmaakt van vrijwilligers (chauffeurs) de antiverdringingsclausule uit de Cao Besloten Busvervoer overtreedt. De A-G gaat uitvoerig in op de vraag of sprake is van een schijnconstructie. Onder meer komt de vraag aan de orde of opvolgende cao-bepalingen en de daarbij gegeven uitleg, van belang kan en mag zijn voor oude – maar gelijkluidende – cao-bepalingen. Het hof oordeelde uiteindelijk dat indien geen sprake is van een schijnconstructie, de vrijwilligers niet onder de reikwijdte van de cao vallen. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep onder verwijzing naar artikel 81 Wet RO.

Werknemer die zich ziekmeldt en per direct naar een verslavingskliniek in Thailand vertrekt, heeft geen recht op doorbetaling van het loon gedurende de ziekteperiode
In AR 2021-0439 oordeelt de rechter dat een werknemer die daags na zijn ziekmelding naar het buitenland vertrekt voor een verslavingsbehandeling in strijd handelt met artikel 7:629 BW (het buitenspel zetten van de arboarts). Bijgevolg heeft werknemer geen recht op loon.

Anderhalf jaar € 80 per week aan boodschappen ‘verduisteren’: wel of geen ontslag op staande voet?
In AR 2021-0442 oordeelt de rechter dat het ontslag op staande voet van een werkneemster die anderhalf jaar lang boodschappen heeft meegenomen zonder te betalen rechtsgeldig is. De gevorderde schadevergoeding wordt afgewezen, want te onbepaald. Wel moet werkneemster de opsporingskosten ad € 1.250 vergoeden.

Vragen of opmerkingen
Indien u problemen ondervindt met inloggen, kunt u contact opnemen met het secretariaat van de VAAN via het telefoonnummer 0343-430600 of via het e-mailadres secretariaat@vaan-arbeidsrecht.nl. Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar ar-updates@budh.nl.

Rest ons nog u een bijzonder fijne dag toe te wensen.

Hoge Raad

Hof

Rechtbank