Naar boven ↑

Update

Nummer 27, 2019
Uitspraken van 04-07-2019 tot 09-07-2019
Redactie: prof. mr. dr. A.R. Houweling, mr. L. Kirkpatrick, mr. M. Assenberg van Eijsden, mr. E.L. Eijkelenboom, mr. S.C. Goedhart, mr. C.P. Kuijer, mr. D. Ottevanger, mr. drs. T.J. Post, I.J. Schipper, mr. S.A. Slootweg, mr. S. van der Slot, mr. V. Twilt en mr. S. Wiersma-Helal.

Geachte confrères, collegae, amici en amicae,

Bijgaand treft u weer een nieuwe VAAN AR Update aan. Klik hier om de pdf vanaf de website te downloaden.

Rechtspraak
Graag wijzen wij u op de volgende uitspraken.

 ‘Proeftijdloon’ ondanks nietig proeftijdbeding
In AR 2019-0721 oordeelt de rechter dat het partijen vrij staat afspraken te maken over de hoogte van het loon. In dit geval was bedongen dat de werknemer € 3.100 zou verdienen en na de proeftijd € 3.400. Het betreffende proeftijdbeding (twee maanden) was nietig. Daarmee vervalt evenwel niet de loonafspraak. Naar het oordeel van de rechter kon uit het loonbeding niet worden afgeleid dat de verhoging enkel bij goed functioneren zou plaatsvinden, waardoor werknemer alsnog van meet af aan aanspraak heeft op € 3.400.

Verstoorde arbeidsverhouding leidt tot € 108.000 billijke vergoeding
In AR 2019-0711 oordeelt de rechter dat werkgever te snel heeft aangestuurd op een einde arbeidsrelatie, nadat werkneemster zich in een MT-overleg kritisch had uitgelaten over een project van haar collega. In plaats van de aangekondigde coachingsessie is werkneemster op non-actief gesteld. De wijze van handelen en communiceren leidde uiteindelijk tot een verstoorde arbeidsrelatie verwijtbaar aan de werkgever. De billijke vergoeding is gelijk aan de verwachte inkomstenderving gedurende twee jaar (met WW en inkomsten).

Berekening billijke vergoeding bij vernietiging ontslag op staande voet: gemist loon over periode dat ontslag wel mogelijk was geweest
In AR 2019-0722 staat de berekening van de billijke vergoeding na een vernietiging van de opzegging centraal. De kantonrechter oordeelt onder verwijzing naar de New Hairstyle-beschikking dat werkgever de arbeidsovereenkomst wel op rechtsgeldige wijze had kunnen beëindigingen middels ontbinding. Over deze periode maakt werkneemster aanspraak op vergoeding van gemist loon (€ 13.521,75). Op dit bedrag dient de transitievergoeding en onregelmatigheidsvergoeding in mindering te worden gebracht, zodat overblijft een vergoeding van € 2.834,64.

Geen opzegverbod wegens ziekte vanwege (te) late ziekmelding
In AR 2019-0723 oordeelt de rechter dat het opzegverbod wegens ziekte niet van toepassing is, omdat een werknemer zich na volledige hersteldmelding eerst een maand na indiening van het ontbindingsverzoek heeft ziekgemeld bij werkgever. Het bezoek aan de bedrijfsarts en het deskundigenoordeel UWV (nadien door werknemer ingetrokken) doen hieraan niet af.

Praktijkovereenkomst geen arbeidsovereenkomst omdat hoofddoel is gelegen in opleiding
In AR 2019-0727 oordeelt het hof dat het hoofddoel van de leer-werk-overeenkomst is gelegen in het leerelement en dat daarom geen sprake is van een arbeidsovereenkomst. De loonvordering wegens ziekte en niet-verlenging van het contract komen daardoor niet voor toewijzing in aanmerking.

Vragen of opmerkingen
Indien u problemen ondervindt met inloggen, kunt u contact opnemen met het secretariaat van de VAAN via het telefoonnummer 0343-430600 of via het e-mailadres secretariaat@vaan-arbeidsrecht.nl. Mocht u vragen of opmerkingen hebben over deze nieuwsbrief, dan kunt u mailen naar ar-updates@budh.nl.

Rest ons nog u een bijzonder fijne dag toe te wensen.

Hof

Rechtbank